Massastart
Bij de massastart vertrekken alle deelnemers tegelijk. Vanwege het risico op valpartijen bij het skiën in groep, en het beperkt aantal schietposities op de schietstand, kan er slechts een klein aantal atleten deelnemen aan deze proef (in de wereldbeker mogen de 30 best geplaatste atleten deelnemen). De afstand is 15 km voor mannen en 12,5 km voor vrouwen; er moet vier maal geschoten worden, in de volgorde liggend, liggend, staand, staand, en voor elke gemiste schijf moet er een strafronde gelopen worden.
Aflossing
De aflossing wordt gelopen met teams van vier biatleten, die elk 7,5 km (mannen) of 6 km (vrouwen) afleggen, met twee schietbeurten (liggend resp. staand). De eerste lopers starten tegelijk. De aflossing gebeurt door het lichaam van de volgende atleet aan te tikken binnen de daartoe voorziene zone. In deze proef zijn er per schietbeurt drie reservepatronen beschikbaar; pas wanneer er na de acht schoten nog schijven overblijven die niet zijn geraakt moet er een strafronde van 150 m gelopen worden voor elke misser.
Vanaf 2005 is ook een gemengde aflossingswedstrijd opgenomen in het programma. Hierbij bestaan de teams uit twee vrouwen en twee mannen, en de afstand is viermaal 6 km. De volgorde van de atleten is vrouw/vrouw/man/man; verder is het verloop hetzelfde als bij de andere aflossingen.
Ploegproef
De proef per ploeg of per team is een wedstrijdformule die niet meer wordt gebruikt in de moderne biatlon, maar die vroeger onder meer nog op het programma van de Olympische Spelen stond. Hierbij moest een team van vier atleten samen de proef afleggen. Bij het schieten moesten eerst twee atleten liggend schieten, en in de volgende schietbeurt de andere twee staand. Bij een misser moesten de twee niet-schietende atleten een strafronde lopen. De vier moesten ook samen aankomen.
|